Tijdens de aftrap van de klimaattop in Parijs deze week, werd opnieuw duidelijk dat Nederland op het gebied van de vermindering van CO2-uitstoot en duurzaamheid slecht scoort. Dat was al langer bekend, en vormde de aanleiding voor het Energieakkoord in 2013. Maar de doelstellingen, 14% duurzame energie, 1,5% minder energieverbruik en 15.000 extra banen in 2020 worden hoogst waarschijnlijk niet gehaald.

Zo bleek onlangs uit de Nationale Energieverkenning. Het belangrijkste instrument van de overheid om de energiedoelen te bewerkstelligen, is de uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie (SDE+), maar deze werkt niet goed. Zal de SDE+ in een vernieuwd jasje wel bijdragen aan de doelen uit het Energieakkoord?

De SDE+ heeft in 2016 € 8 miljard in kas, maar als deze regeling qua uitvoering ongewijzigd blijft, is het te verwachten dat het gereserveerde budget voor vele miljarden onbenut blijft. De belangrijkste reden is de vrijblijvendheid van de regeling. Burgers en bedrijven die voornemens zijn te investeren in hernieuwbare energie of duurzaamheid, kunnen alleen al op basis van dit voornemen subsidie aanvragen. Er geldt geen verplichting de geplande investering of het project daadwerkelijk uit te voeren. Wanneer het niet doorgaat, ontvangt de aanvragende partij gewoonweg geen subsidie.

De aanvrager mag zelfs nog tot twee jaar na de SDE+-aanvraag van subsidie afzien. In sommige gevallen geldt er nog een langere ‘bedenktijd’. Al die tijd blijft het subsidiegeld gereserveerd en kan het niet worden uitgeven aan andere projecten.

Miljarden onuitgegeven
Het behoeft geen hogere wiskunde dat wanneer een regeling in de praktijk deze uitwerking heeft, er aan het eind van een jaar miljarden onuitgegeven blijven. De redenen dat een voorgenomen investering niet doorgaat zijn divers, van het niet rondkrijgen van een vergunning of een financiering tot het simpelweg ‘bedenken’. In de praktijk komt het in elk geval vaak voor dat beschikt geld voor een project uiteindelijk niet voor het project wordt aangewend. Op deze manier blijven er dus steeds miljarden liggen en worden bovendien de doelstellingen voor 2020 niet gehaald.

Oplossing
Deze ongewenste werking van de SDE+ is opgemerkt in Den Haag en ook daar wordt volop gespeculeerd over een oplossing. Zo wordt er vanuit verschillende hoeken geopperd het onbestede geld te pompen in buitenlandse energieprojecten om zo toch bij te dragen aan internationale energiedoelen. Geen goed idee, want dit gaat ten koste van de werkgelegenheid.

Een veel beter idee is om een deel van de voor de SDE+ gereserveerde miljarden te besteden aan concrete projecten via andere vaak al bestaande subsidiemechanismen. Regelingen die wel een uitvoeringsverplichting kennen, maar waarvan het budget vaak snel is uitgeput. Te denken valt aan de Demonstratie Energie Innovatie (DEI), innovatie Duurzame Energie en Energiebesparing Gebouwde Omgeving (iDEEGO), de MKb Innovatiestimulering Topsectoren, topsector Energie (MIT) of een Innovatie Prestatie Contract (IPC) met als thema duurzame energie. Ook heeft Minister Kamp een nieuwe regeling aangekondigd, die in 2016 € 70 miljoen beschikbaar stelt voor kleinschalige hernieuwbare warmteopties zoals warmtepompen, zonneboilers en biomassaketels. Wellicht goed om hier een “0”achter te plaatsen om op die manier met €700 miljoen substantieel resultaten te boeken.

Het kabinet doet er goed aan een deel van het SDE+-budget te verdelen via deze subsidieregelingen, om er zo voor te zorgen dat de uitgangspunten van het Energieakkoord wel worden gehaald. Doet zij dit niet en blijft bovendien het mechanisme van de SDE+ ongewijzigd, dan blijft de 14% duurzame energie in 2020 slechts een onbereikbaar doel.

Vindsubsidies Operationeel Manager –  Leon Rohaan